Race evenementen

Uit SimRace Vereniging Nederland
Ga naar: navigatie, zoeken
Nieuw? Lees eerst:
Voorbereiden van een race
Lees ook:
Auto afstellen

Dit artikel biedt handige informatie voor bij het rijden van een race bij SimRace Vereniging Nederland. De verschillende sessies van een race evenement worden erin geïntroduceerd en uitgelegd. Tevens biedt het artikel een handleiding bij het omgaan met andere coureurs. Dit een belangrijk onderdeel van het racen (1) omdat coureurs die goed kunnen anticiperen op hun rivalen beter scoren dan coureur die dat niet kunnen en (2) omdat SRVN probeert competitieve, maar ook vriendelijke sfeer probeert te handhaven en er dus geen behoefte is aan incidenten.

Inhoud

Sessies van een race

Practise (Vrije training)

De gehele week in de aanloop naar een evenement staat de server open in practise mode, de vrije training dus. Gedurende die gehele periode kan elke coureur online zijn wagen testen op het circuit en de voorbereidingen treffen voor de race. Het is dan ook zaak hiervan gebruik te maken, anders heb je als coureur direct een achterstand op de concurrentie, die dit wel zal doen. Voorbereidingen zijn echter het onderwerp van een ander artikel op deze pagina, daarom worden die hier verder niet behandeld. Om weer ter zake te komen: het is aan te raden om ook op de dag van het evenement gebruik te maken van deze sessie. Om 20.15 begint de kwalificatie sessie. Als je daar goed wilt presteren moet je scherp zijn. Het helpt over het algemeen goed om dan alvast wat rondjes te hebben warm gereden, zodat je het ritme van het circuit weer hebt kunnen oppakken. Tevens is deze sessie ook de laatste kans om de auto met de raceafstelling te testen. Er komt na de kwalificatie nog wel een warm-up, maar die is vaak van korte duur.

Kortom, maak gebruik van de vrije trainingen om de auto te preparen voor de race en om weer even op stoom te komen vlak voordat de kwalificatie begint.

Qualification (Kwalificatie)

Dit is de sessie waarin je de snelheidslimiet van de auto moet vinden, of beter gezegd, waarin je hem tentoon moet spreiden. Immers, je zult de limiet al eerder hebben moeten opzoeken om te weten waar hij ligt. Hoe dan ook, het is over het algemeen belangrijk dat je hard gaat in de kwalificatie, zo hard als dat je kunt, omdat je startpositie er vanaf hangt! Je startpositie in de race kan van doorslaggevend belang zijn. Vooral in een korte race zul je vooraan de grid veel betere kansen hebben op een goed resultaat dan achteraan de grid.

De kwalificatiesessies van SimRace Vereniging Nederland duren vijftien minuten. Daarin mag elke coureur een onbeperkt ronden rijden. Het is aan te raden om de kwalificatie aan te vangen met een zo licht mogelijke auto. Zorg ervoor dat je tank zo leeg is dat je er precies net een paar ronden mee kunt afleggen. Elke liter brandstof die je spaart is zeker een kilo gewicht in de auto minder. Daarnaast kun je het best de zachtst mogelijk band op de auto monteren (als je deze keus hebt). Zachte banden geven doorgaans de meeste grip, al gaan ze vaak niet zo lang mee. Aangezien je kwalificatie kort is en je zo snel mogelijk wilt zijn, komen de zachte banden het best van pas. Met zachte banden doel ik overigens op de compound (het soort rubber) en dus niet op de bandendruk (tyre pressure)! De coureurs die hun auto tot in detail afstellen, kunnen overwegen in de kwalificatie een iets extremere afstelling te gebruiken. Een iets ‘stijvere’ auto met meer ‘camber’ en meer brandstof inspuiting zal wellicht net een tikje harder gaan, al is een dergelijke afstelling voor de race vaak niet interessant.

Warm-up

Deze sessie heeft niet zoveel om het lijft bij SRVN. Het is nadrukkelijk de wachttijd tussen de kwalificatie en de race waarin eventueel nog wat aanpassingen worden gedaan aan de startopstelling. Officieel duurt de sessie tien minuten, maar in de praktijk wordt er al na een paar minuten overgegaan naar de race zelf. De warm-up kun je dan ook niet gebruiken om de raceafstelling te testen zoals in het echte leven wel gebeurt. In plaats daarvan kun je die paar minuten beter gebruiken om nog even een sanitaire stop te maken, wat te drinken en te controleren of jouw raceafstelling er zo bij staat als je hem de laatste keer hebt opgeslagen. Neem de rust en pak je concentratie en laat de baan even voor wat het is in deze laatste minuten voor de race.

Kortom, tijdens de warm-up even toiletteren, drinken, de afstelling nakijken en vervolgens concentreren.

Race

Wanneer de warm-up sessie afloopt, start de race sessie, de sessie waar het om draait. Je hebt nog 30 seconden om rechts onderin je beeld op ‘Race’ te klikken. Check nog even snel of je setup (afstelling) geladen is. Zo niet, snel doen! Ben je niet op tijd op de startopstelling, dan zul je vanuit de pitstraat moeten starten. Je moet dan wachten tot de leider de eerste sector door is. Dat kost je veel tijd. Zorg dus dat je op tijd klaar bent!

Staat je stoel recht? Klopt je afstelling? Mooi! Dan ben je nu klaar om deel twee van dit artikel te lezen.

Situaties in een race

Formation lap (Opwarmronde)

Wanneer de aftelklok op nul staat, begint de opwarmronde. Iedereen die tegen die tijd nog niet op de startopstelling staat, begint in de pitstraat. Wacht wanneer de opwarmronde begint even totdat je voorganger vertrokken is. De race is immers nog niet gestart en niemand zit te wachten op ongelukken.

De opwarmronde is de laatste ronde die je rijdt voordat de race begint. Je krijgt in deze ronde de tijd om de motor, de banden en de remmen op temperatuur te krijgen. Gebruik die tijd. Je hoeft niet op volle snelheid de ronde af te leggen, maar je kunt rustig de tijd nemen om de auto een beetje te laten 'hangen' in de bocht en de rem aan te laten lopen, zodat alles op temperatuur is wanneer je aan het einde van de ronde bent. Let wel altijd op de auto’s om je heen, zodat je er niet tegenaan rijdt en zij niet tegen jou. Neem voldoende afstand van je voorganger en let op de spiegels om de mensen achter je in de gaten te houden. Rijd er iemand vlak voor je, dan kun je niet als een maniak gas gaan geven; rijdt er iemand vlak achter je, dan kun je niet gaan stampen op de rem. Het lijkt allemaal erg voor zich te spreken, maar er gebeuren de raarste ongelukken tijdens de opwarmronde. Dat is zonde, want de race is nog niet eens begonnen!

Wordt de race aangevangen met een stilstaande start, dan zal je aan het einde van de opwarmronde gewoon weer de plek op de startopstelling innemen waar je een ronde eerder van vertrok. Als de race met een rollende start wordt begonnen, dan krijgt iedereen een groene vlag wanneer de leider in de buurt van start/finish komt. Daar eindigt de opwarmronde en begint de race.

---

TIP: Gebruik de LCD of interface schermpjes met de naam ‘Vehicle Status’ en ‘Extra Info’ om te kijken hoe de banden, de motor en de remmen ervoor staan qua temperatuur. Zo kun je zien of je meer op moet warmen, of juist minder.

---

Start van de race

De start is een cruciaal moment in de race. Hoe goed je ook staat op de startopstellingen, als je even niet oplet bij de start, dan kun je ver terugvallen. Het is dus in de eerste plaats zaak om scherp te blijven en direct goed weg te komen wanneer het licht op groen gaat.

Hoe doe je dat? Dat is een belangrijke vraag en tevens een vraag die niet gemakkelijk te beantwoorden valt. In de eerste plaats moet je snel reageren. Gaan de groene lichten aan (of de rode uit), dan moet je direct op het gaspedaal kunnen en gaan. Daar win of verlies je vaak al het meest. Daarnaast moet je ervoor zorgen dat de wagen goed van zijn plek komt, dat wil zeggen dat je zo snel mogelijk optrekt, de meeste afstand in de minste tijd. Dit doe je door de juiste balans te vinden tussen wielspin en toeren, waarbij je zo min mogelijk wielspin wilt en zoveel mogelijk toeren. Vaak valt de balans een beetje in het voordeel van de hoge toeren uit. Zorg dat je, wanneer de rode lichten aangaan, het toerental op laat lopen tot net vóór de begrenzer (en dus niet erin!) terwijl de auto in de eerste versnelling staat en je de koppeling hebt ingedrukt. Wanneer je weg mag, laat je de koppeling geleidelijk opkomen. Tegelijkertijd probeer je met het gaspedaal de toeren hoog te houden zonder de begrenzer te raken. Zodra de auto grip heeft en jij nog steeds hoog in de toeren zit, kun je doorschakelen naar de volgende versnelling. Bij de ideale start heb je snel grip zonder dat het toerental zak. Verder is het zaak om zoveer mogelijk rechtdoor te rijden, al zul je er niet aan ontkomen af en toe iemand te moeten ontwijken. En dan begint de eerste ronde…

---

TIP: Heb je geen koppelingspedaal, dan is het handig om de koppeling op een knopje op het stuur te zetten. Houd het knopje ingedrukt, zet de auto in de eerste versnelling en geef vol gas. Bij groen laat je het knopje los en reguleer je de toeren met het gaspedaal. Pas wel op dat de motor niet oververhit raakt!

---

De eerste ronde

De eerste ronden van een race zijn berucht, met name de eerste paar bochten na de start. Als er ergens vaak wat fout gaat dan is het daar wel. Het bekende credo is dan ook: “Een race wordt niet gewonnen in de eerste bocht.” En terecht, sterker nog, een race wordt vaker verloren in de eerste bocht dan dat hij gewonnen wordt. Waarom? Omdat de eerste ronde, met name de allereerste bocht, vaak de ideale kans biedt om veel plaatsen te winnen. Van de risico’s die coureurs nemen om dit te bereiken ‘valt’ dan ook vaak ‘de bek open’. We kunnen lang uitweiden over grote hoeveelheden aan voorbeelden van hoe het niet moet, maar, omdat dit artikel je nu eenmaal probeert duidelijke te maken hoe je moet racen, gaan we hier vooral in op hoe het wél moet. Het sleutelwoord: geduld!

Geduld redt races. Met geduld houd je overzicht; met overzicht kun je problemen zien aankomen en er dan op anticiperen. Als je een goede start maakt is het verleidelijk om de grens op te zoeken, om de spectaculaire winst die je boekte in de eerste meters nog eens te verdubbelen. Helaas werkt het vaak niet zo. Zorg altijd, hoe snel je ook weg bent, dat je niet je rempunt mist voor de eerste bocht, of, wanneer je achter iemand rijdt, dat je niet later remt dan je voorganger. Het klinkt logisch, maar het is belangrijk dat je hiermee rekening houdt bij een start. Houd altijd je omgeving in de gaten en houd de optie open om uit te wijken, of om harder te remmen. Soms heb je dat nodig. Mocht je in je voorzichtigheid weer een plaatsje verspelen, dan is dat altijd nog beter dan bij iemand naar binnen rijden en schade op te lopen, of zelfs uit te vallen. Denk erom, als het misgaat, zijn er maar weinig mensen die op tijd om je heen kunnen. Ook als je een slechte start hebt, moet je niet in paniek raken. Neem je verlies en kijk rustig voor je om te zien waar je het beste kunt rijden. Probeer vooral niet om bij het eerstvolgende rempunt direct weer alles goed te maken, maar positioneer je duidelijk en veilig en probeer problemen te ontwijken. Netto zal je verlies na de eerste paar bochten wel meevallen.

Buiten de start en de eerste bocht om ligt er meer gevaar op de loer. In de eerste ronde voelt de auto meestal toch wat onwennig aan. Je hebt natuurlijk geprobeerd de motor, banden en remmen op temperatuur te krijgen, maar toch zijn ze nog niet optimaal. Gebruik de eerste ronde dan ook om je auto aan te voelen. Dat is lastig wanneer er veel mensen om je heen rijden, maar je voorkomt er ongelukken mee. Rem dus niet ultra-laat, wees voorzichtig met het wegtrekken uit de bochten en laat de waaghals, de waaghals. Grote kans dat die coureur straks ergens naast de baan staat.

Na de eerste rondje rekt het veld vaak wat uiteen en is er meer ruimte om adem te halen. Je kunt je dan gaan richten op die paar mensen in jouw directe omgeving, vlak voor je, of vlak achter je. Daar begint het volgende gedeelte van de race.

Andere coureurs inhalen

Één van de leukste en spannendste onderdelen van racen is het inhalen van andere coureurs op de baan. Echter, het is tevens ook één van de lastigste onderdelen en het gaat dan ook vaak fout. Terwijl jij alles op alles zet om je tegenstander voorbij te rijden, zal hij alles op alles zetten dat te voorkomen. In de confrontatie van deze tegenstrijdige belangen is het de zaak om het hoofd koel te houden. Inhalen is in de regel meer een kwestie van planning, timing en geduld, dan van intuïtieve, heroïsche do-or-die acties. Natuurlijk zijn er genoeg situaties te bedenken waar de tegenstander grove fouten maakt, zoals een spin, of een ander incident waarvan je dan direct kunt profiteren, maar we richten ons hier op situaties waarbij dat niet aan de orde is. Je zult namelijk ook je weg moeten vinden langs tegenstanders die geen grote fouten maken en gewoon voor je zullen blijven rijden als je ze niet actief aanvalt.

Hoe agressief ‘aanvallen’ ook mag klinken, het is natuurlijk de bedoeling dat het netjes verloopt. Niemand zit te wachten op rijders die idiote manoeuvres maken en daarbij hun tegenstander uitschakelen. Er zijn geen keiharde regels over wat wel mag en wat niet, buiten de extremen om natuurlijk, maar er zijn wél verschillende richtlijnen waar een coureur zich aan kan houden om zonder slechte afloop in te halen. In de eerste plaats is het belangrijk om je te beseffen dat er voor een inhaalactie geen contact nodig is tussen auto’s. Sterker nog, probeer contact altijd te vermijden. Geef je tegenstander ruimte om op de baan te blijven rijden zolang je hem nog naast je hebt. Zo kan hij geen wrok hebben over jouw rijgedrag en is de kans klein dat je het slachtoffer wordt van een wraakactie. Behandel je tegenstander met respect en je zult respect terugkrijgen.

Zoals gezegd is voor inhalen geduld nodig. Het is dan ook niet aan te raden om je tegenstander bij de eerste de beste mogelijkheid in proberen te halen. Het is beter om af te wachten en hem te bestuderen terwijl je achter hem aanrijdt en hem zo onder druk zet. Hij zal op moeten letten en wellicht een beetje zenuwachtig worden. Terwijl dat gebeurd kun jij zien welke fouten hij maakt en, ook heel belangrijk, waar. Dat zijn de plekken waar je jouw inhaalactie in moet zetten, als ze zich ervoor lenen. De daadwerkelijke actie is er één die je plant. Een paar bochten van de voren zorg je dat je vlak achter je tegenstander komt te zitten zodat je op het rechte stuk voor de door jou uitgekozen bocht in zijn slipstream zit en meer snelheid meeneemt naar die bocht. Het doel is om aan de binnenkant naast je tegenstander te komen en bij voorkeur met minstens 50% overlap, dat wil zeggen dat jouw neus op zijn minst halverwege de auto van je tegenstander is op het moment dat je de bocht instuurt. Eerder mag natuurlijk ook. Je tegenstander kan je dan niet meer negeren en zal zich aan moeten passen, aangezien jij met een significant deel van jouw auto naast de zijne rijdt. Moet je liften of remmen voor de bocht waar je inhaalt, dan is het de zaak ervoor te zorgen dat je in de afremzone de overlap behoudt of vergroot. Het eikpunt is het moment dat je normaliter instuurt voor een bocht (vanaf de ideale lijn!). Heb je nog niet die 50% overlap, dan moet je de optie open houden je terug te trekken. Zorg ervoor dat je door harder te remmen, of meer te liften, kunt ontsnappen aan een botsing. Je kunt natuurlijk nog steeds proberen de actie door te zetten, maar de kans van slagen zonder contact of ongeluk is aanzienlijk kleiner. Heb je wel de benodigde overlap, dan kun je ervoor gaan. Denk er daarbij wel nog steeds aan om je tegenstander ruimte te geven. Aangezien jij aan de binnenkant zit, zul je een krappere bochten moeten rijden en dus met een lagere snelheid dan je tegenstander. Als je naast je tegenstander de bocht uit komt, is het natuurlijk niet netjes hem van de baan te drukken. Houd dus rekening met zijn aanwezigheid.

Lukt een inhaalmanoeuvre nou niet direct, neem dan weer rustig de tijd een volgende te plannen. Zelfs een goede manoeuvre biedt geen garantie tot succes. Het kan even duren, maar meestal loont volharding de moeite. Blijf dus geduldig en neem de tijd voor je acties. Het zal je in dank worden afgenomen door je medecoureurs, zelfs als ze daardoor een plaatsje verliezen.

Je positie verdedigen

Zoals er voor de aanvaller gedragsnormen zijn, zijn ze die er ook voor de verdedigende coureur. Echter als verdediger hoef je vaak minder op de limiet te rijden dan als aanvaller. De verdedigende partij heeft het voordeel dat ze positie kan kiezen. Dat voordeel geldt er echter alleen als ze goed oplet. Daar ligt dan ook gelijk het nadeel van verdedigen: je moet zowel achter je kijken om de tegenstander in de gaten te houden, als voor je kijken om de juiste lijnen te blijven rijden. Om dat effectief te kunnen doen moet je op een aantal zaken focussen. In de eerste plaats je eigen lijn. Zorg dat je altijd goed uit een bocht kunt weg accelereren, dan verklein je de kans dat je bij de volgende bocht een aanval om je oren krijgt. Daarbij moet je niet teveel tijd verliezen tijdens het aanremmen, om te voorkomen dat je al direct een aanval krijgt te verwerken. Maar het belangrijkste blijft het goed wegkomen uit de bocht.

Wanneer je tegenstander binnen ongeveer een autolengte afstand van je komt, is de tijd daar om een verdedigende lijn te kiezen. Normaal gesproken beweeg je de auto naar de kant van het rechte stuk waar later de binnenkant van de bocht ligt, dus als je een linkerbocht nadert, ga je links rijden. Je dwingt zo je tegenstander om buitenom te gaan. Dat is de langste route en dus is de kans kleiner dat je verschalkt wordt. Bij het wisselen van lijn (want meestal ga je bij een verdedigende actie van de ideale lijn af) moet je op een aantal zaken letten. In de eerste plaats moet je onthouden dat je per recht eind slechts één keer van lijn mag wisselen. Kies dus goed. Daarnaast mag je niet van lijn wisselen als je tegenstanders op de plek rijdt waar jij heen wilt, dat wil zeggen, je mag niet door hem heen rijden. Die vrijheid van bewegen heb je niet. Je kunt er natuurlijk wel vlak naast gaan rijden als je dat nodig acht. Wanneer je tegenstander met groot snelheidsverschil langs je heen wil gaan, mag niet je niet je auto voor de zijne plaatsen en hem tot remmen dwingen. Dit heet blokken. Het is erg gevaarlijk en zal waarschijnlijk bestraft worden. Ten slotte is het belangrijk dat je niet van lijn wisselt in de remzone. Positioneer je altijd voordat je gaat remmen en niet tijdens het remmen. Tijdens het remmen is de auto minder wendbaar en de kans dat je tegenstander kan anticiperen nihil. Niet doen dus.

Het rijden van een verdedigende lijn kan best lastig zijn. Je zult een bocht iets anders moeten nemen dan wanneer je de ideale lijn rijdt. Het doel is om je tegenstander ofwel achter je te houden, ofwel aan de buitenkant te houden en als het even kan ook nog sneller uit de bocht te komen. Als je een verdedigende lijn rijdt, rijd je een krappere bocht. Je zult iets eerder moeten remmen om hem te houden. Zorg ervoor dat je tegenstander je niet voorbij remt, maar pas tegelijkertijd op dat hij niet veel harder remt en dan achter je langs glipt. Rem je te hard dan zal jouw tegenstander om je heen kunnen rijden en meer snelheid de bocht mee innemen om je vervolgens via de lange route in te halen. Rem je te zacht dan zal het moeilijk zijn de binnenkant van de bocht te houden. Op het gat dat daar ontstaat, zullen de meeste aanvallers azen. Terwijl jij de bocht uitschiet, al is het maar een klein beetje, stuurt hij in. Hij neemt meer snelheid mee de bocht uit en passeert je alsnog aan de binnenkant. Dat is foute boel. In een ideale situatie blijft je tegenstander ongeveer naast je tot aan het instuurpunt. Let hierop tijden het remmen. Je kunt dan de binnenkant van de bocht pakken en zo vroeg mogelijk weer op het gas gaan. Waarschijnlijk zal hij terrein verliezen omdat hij een langere route moet rijden om jou heen. Pas wel op: hij rijdt een wijdere bocht en kan deze dus op hogere snelheid nemen. Bij het uitkomen van de bocht kun je alsnog gepakt worden op acceleratie. Vroeg op het gas gaan, blijft dus essentieel.

Wanneer je moet verdedigen in een combinatiebocht (bijvoorbeeld een chicane) moet je proberen de hierboven beschreven regels toe te passen op het laatste onderdeel van de combinatie bocht. Dat kan als gevolg hebben dat je de eerste knik op zal offeren, om zo een goede verdedigende lijn te kunnen rijden in het laatste gedeelte van de combinatie. Dat betekent overigens niet dat je de deur wagenwijd moet openzetten. Concentreer je op het laatste bocht. Zelfs als je tegenstander je dreigt in te halen in het eerste gedeelte, kun je hem voorblijven door de betere lijn te pakken in het tweede gedeelte. Het gaat er wederom om hoe je de bocht uitkomt, niet om hoe je hem ingaat. Net als bij het aanvallen geldt dat je contact moet vermijden. Het is gemakkelijk om je tegenstander te blokken, maar het is niet netjes en ook niet nodig. Mocht het gebeuren dat je tegenstander je binnendoor inhaalt, gooi dan niet achteloos de deur dicht maar schat de situatie in. Zit hij bij het instuur punt met meer dan 50% van zijn auto naast de jouwe, laat dan ruimte en concentreer je op het rijden van een snelle buitenbocht. Zit hij minder dan 50% naast je, dan kun je overwegen wel de deur dicht te gooien. Niemand zal het je normaliter kwalijk nemen.

Kortom. Blijf kalm en zorg dat je zowel goed voor je als achter je kijkt. Anticipeer op tijd op de (mogelijke) aanvallen van je tegenstander en concentreer je op het zo effectief mogelijk rijden van je lijnen, ook als je een verdedigende lijn rijdt.

Strategisch rijden

Bij het behalen van een goed resultaat komt meer kijken dan het rijden van snelle rondes en het inhalen en voorblijven van je tegenstanders, al moet gezegd worden dat ze ook erg belangrijk zijn. Veel coureurs leggen tijdens hun voorbereiding de meeste nadruk bij het neerzetten van een zo snel mogelijke rondetijd. Ze zijn dan in staat een goede startpositie te veroveren, maar komen tijdens de race in de problemen en vallen terug. Dat heeft vaak te maken met strategisch rijden. Strategisch rijden is één van de meest onderschatte onderdelen van het simracen. Het gaat over zuinig zijn en effectief gebruik maken van de wagen. Strategisch rijden beroept zich op drie dingen: een zorgvuldige planning (1), een behoudende rijstijl (2) en aanpassingsvermogen (3).

Een race kan gewonnen worden op de rekenmachine. Je moet eigenlijk al voor de race weten hoe de race eruit gaat zien. Je moet weten hoeveel brandstof je verbruikt, hoe snel je banden slijten, bedenken wanneer je een pitstop gaat maken, wanneer je snel wilt zijn en wanneer je het kunt lijden langzamer te zijn. Je kunt veel van deze zaken bepalen tijdens je testsessies en het is dan ook belangrijk dat je dat ook doet om zo vóór de race een plan te hebben waarmee je in de kortst mogelijk tijd de finish kunt bereiken. Dat is immers je doel.

Vervolgens is het zaak om op de baan voorzichtig te zijn met de bolide. Vanzelfsprekend is het belangrijk om je auto heel te houden. Dat klinkt nogal voor de hand liggend, maar veel coureurs maken ruig contact met andere coureurs en beschadigen de aerodynamica waardoor ze snelheid verliezen. Zuinig rijden draait echter niet alleen om aerodynamica; het heeft ook te maken met de status van je motor, remmen, banden en de brandstof.

Je motor moet de hele race mee en mag dus niet te heet worden. Je kunt tijdens het afstellen van de auto de radiatoropening groter maken om zo de motor meer koeling te geven en tijdens het rijden kun je minder toeren draaien door eerder te schakelen om zo minder temperatuur in je motor te jagen. Ook je remmen moeten de juiste temperatuur hebben. Tijdens het rijden kun je hier niets aan veranderen (behalve wellicht de rembalans aanpassen, dus is het belangrijk de remmen van de voren goed in te stellen (‘duct’). Tijdens het rijden is het brandstof verbruik ook van belang. Je wilt uiteraard niet meer brandstof verbruiken dan je gepland hebt. Dat kun je voorkomen door minder gas te geven. Dat klinkt ongebruikelijk, maar je kunt de auto ook door een langzame bocht laten rollen in plaats van hard te remmen en daarna veel gas te geven. Daarnaast werkt ook het vroeg opschakelen in je voordeel. Hoe minder toeren de motor draait, hoe minder brandstof hij verbruikt. Ten slotte zijn er nog de banden. De banden leveren doorgaans de meeste problemen. Op versleten banden is een race auto gewoon een stuk minder snel en een stuk moeilijker te besturen dan op vers, nieuw rubber. Banden zullen altijd slijten als je erop rijdt, maar de mate waarin dat gebeurd is erg beïnvloedbaar. In de eerste plaats kun je er als coureur naar streven om de auto zo min mogelijk te laten glijden, dus geen uitgebreide drifts en blokkerende wielen. Iets voorzichtiger omgaan met de remmen en het gaspedaal kan al een groot verschil maken. Daarnaast kun je proberen minder te sturen. Ook dit klinkt wat vreemd, immers, je zult toch de bocht door moeten. Het doel is dan ook niet dat je het stuur recht houdt, maar dat je soepele stuur bewegingen maakt. Gooi niet in één harde beweging het stuur om, maar draai hem geleidelijk aan de bocht in en er weer uit. Je banden hebben dan minder wrijving met het asfalt en slijten automatisch minder. Zo kun je aan het einde van de race met nog relatief verse banden de coureurs die door hun banden heen zitten gemakkelijk inhalen. Let er dus op hoe de auto ervoor staat tijdens de race en pas je rijgedrag daarop aan. Het kan veel seconden schelen, zowel op de baan als in de pits.

Ten slotte heb je aanpassingsvermogen nodig. Al zijn je plannen nog zo mooi, er is altijd een kans dat er iets gebeurt in de race waarbij jouw plan overboord kan. Denk bijvoorbeeld aan een safety car situatie, of schade aan je auto (lekke band) waardoor je de pitstaat moet bezoeken. Je zult je daarop moeten aanpassen om niet teveel tijd te verliezen, of om zelfs tijd te winnen. Om dat te kunnen doen moet je de informatie die je hebt verzameld in je voorbereiding tot je beschikking hebben. Weet hoeveel brandstof je nodig hebt en hoeveel je verbruikt; weet hoe lang de banden meegaan; weet hoe lang de race nog duurt. Als je dat soort zaken weet, kun je met snel rekenwerk elke situatie de baas zijn. Kortom: plan je race van te voren in en houd je auto goed in de gaten tijdens het rijden. Mocht het nodig zijn, gebruik dan je voorbereiding om te bepalen hoe je de race verder gaat rijden.

---

TIP: Ook hier komen de LCD schermpjes van pas. Ze vertellen je precies hoe de banden ervoor staan, hoe warm de motor is en hoeveel brandstof je nog hebt. Ook kun je zien hoeveel toeren je draait en hoe lang de race nog duurt. Alle informatie die je nodig hebt voor de berekeningen is beschikbaar.

---

Een pitstop maken

Een situatie die je in veel van de races gehouden bij SimRace Vereniging Nederland tegenkomt is de pitstop. In met name de wat langere races ben je als rijders verplicht er eentje te maken, zelfs als je er geen directe noodzaak voor hebt. Deze paragraaf behandelt het maken van die pitstop, zodat je weet wat je te wachten staat en je problemen kunt vermijden. Ervan uitgaande dat je de vorige paragraaf hebt gelezen, wordt het planningselement van de pistop hier overgeslagen We gaan direct over op de actie, nou ja, bijna direct. Voordat je een pistop gaat maken moet je hem nog wel even aanvragen. Je doet dit door het knopje van ‘Pitstop Request’ in te drukken. Je moet deze functie voor de race verbinden aan een toets. Doe dit, want het scheelt tijd tijdens de race. Na verloop van tijd zal rFactor je via het chat schermpje (linksonder) laten weten dat je binnen kunt komen met het bericht “Crew is ready for pitstop”. Kom je binnen voordat je dit bericht hebt gehad, of zonder de pitstop aan te vragen, dan zal de stop langer duren. Zorg dus altijd dat je de pitstop ruim van de voren aanvraagt (ongeveer een ronde van te voren).

Wanneer je de pitstop aanvraagt zal rechtsonder het ‘Pit Info’ LCD scherm tevoorschijn komen. Via dit scherm kun je bepalen wat er in de pitstraat gaat gebeuren. Zo kun je instellen hoeveel brandstof je meeneemt, welke banden er worden gewisseld en welke soort banden dat dan worden. Je kunt tevens ook nog kleine dingen afstellen aan de auto en schades laten reparen, maar dat is niet aan te raden. Dat laatste neemt altijd veel tijd in beslag en vaak is die tijd het niet waard. Een deel van de pitstop strategie kun je al voor de race instellen. Je kunt in het menu ‘Garage’ instellen hoeveel stop je gaat maken en hoeveel brandstof er per stop in de tank gaat. Verder staan alle waarden in het ‘Pit Info’ schermpje exact zoals in de door jou gekozen afstelling.

---

TIP: Kijk bij het ingaan van de pit altijd even of de schade gerepareerd zal worden. Wanneer je schade hebt, zal rFactor automatisch het reparen van schade aanzetten. Wil je dat niet, dan moet je dat zelf weer uitzetten voordat je stilstaat.

---

Afijn, tijd om de pitstraat in te rijden. Dat is een onderdeel dat je zult moeten oefenen voordat je aan de race begint. In de pitstraat geldt een snelheidslimiet. Als je die overschrijdt, zul je bestraft worden. Zorg dus dat je weet hoe de pitstraat eruit ziet. Zowel de route ernaartoe en ervandaan als de pitstraat zelf. Het is belangrijk om ook daar snel te zijn, maar vergeet niet op tijd te remmen voor de ingang van de pits. Immers, daar wil je met de maximumsnelheid langskomen, maar zeker niet harder. De ingang van de pitstraat wordt meestal gekenmerkt door een verkeerslicht of een streep. Dat is echter niet altijd zo. Let dus goed op waar de ingang ligt! Wanneer je binnen bent, ga je naar jou team. Er staat echter niemand in rFactor, maar in plaats daarvan moet je op zoek naar een rode rechthoek op het wegdek. Alleen daar kun je de pitstop uitvoeren. Tijdens het rijden in de pitstraat is het aan te raden de zogenaamde ‘pitlimter’ aan te zetten. Je kunt ook deze functie toewijzen aan een knopje. Vergeet echter niet bij het verlaten van de pitstraat (wederom gemarkeerd door een verkeerslicht of lijn) de limiter weer uit te zetten. Wanneer je stilstaat in bij jou team zie je linksonder in het chat schermpje wat er allemaal gedaan wordt aan je auto en hoe lang dat gaat duren. Tel de elementen bij elkaar op en je weet wanneer je weer op pad kunt. Goed opletten daar: hoe sneller je reageert op het ‘vrij komen’ van de auto, hoe sneller je weer de baan op kunt. Daar kun je tijdwinst boeken. Tot slot is er nog één gevaarlijk puntje bij het uitrijden van de pitstraat. Meestal ligt er in het verlengde van de pitmuur nog een doorgetrokken streep op de baan. Deze mag je niet overschrijden als je de pit verlaat. Dat is voor de veiligheid van de rijders die al op de baan zijn. Let daar dus goed op.

Wanneer je al deze zaken in de gaten houdt en zo effectief mogelijk uitvoert, maak je een snelle pitstop. Dat is belangrijk, want nergens kun je zo gemakkelijk tijden winnen en verliezen als bij het langzaam rijden en stoppen in de pitstraat. Houd het hoofd er dus bij.

De finish halen

In de voorgaande paragrafen heb je kunnen lezen over de verschillende facetten van een race, over wat ze met zich meebrengen en over hoe je daarmee om kunt of moet gaan. Het zijn nogal wat regels, gedragscodes, tips en trucs, maar naar mate je ervaring opdoet met het rijden van races, zullen deze facetten steeds meer voor zich spreken en zal het je geen moeite meer kosten ermee om te gaan.

Wanneer je erin slaagt je meester te maken van de situaties waarin je terecht komt, door er goed op te anticiperen, zul je het makkelijker vinden om de races uit te rijden. Dat is en blijft altijd het eerste doel. Een bekend gezegde luidt dan ook: “To finish first, you first have to finish.” De sleutel daartoe is geduld. Het is al vaker naar voren gekomen in dit artikel, maar dat heeft een reden. Vanuit geduld kun je onverwachte (en trouwens ook de verwachte) situaties het best te lijf gaan. Daarnaast is het belangrijk om scherp te blijven en je concentratie te behouden. Veel coureurs verzwakken wanneer de intensiteit van de eerste ronden plaats maakt voor relatieve kalmte van het midden en einde van de race. Juist dan moet je het hoofd erbij houden en niet in een sleur raken. Bekijk je rondjes van bocht tot bocht en probeer telkens zo goed mogelijk de ideale lijn te volgen, zonder snelheid te verliezen, maar ook zonder teveel van de auto te vragen. Je komt vanzelf in het juiste ritme wanneer je dat doet en de rust bewaart.

Bereid je dus goed voor in de aanloop naar een race; rij voorzichtig; blijf scherp en rustig en voer je plan uit zoals je dat van te voren heb bedacht, zonder de mogelijk uit het oog te verliezen om te anticiperen op de veranderingen die de race met zich mee zich mee kan brengen. Doe je dit goed, dan wacht aan het einde van de race de finish. En wellicht een mooi resultaat. Succes!

Persoonlijke instellingen
Naamruimten
Varianten
Handelingen
Navigatie
Hulpmiddelen